donderdag 7 augustus 2014

Show 'n Tell: Deer in a monastery garden

Nu we ook mogen verven voor Nerd Wars ben ik helemaal los. Ik was vergeten hoe leuk het is om dat te doen. Ik probeerde voor het eerst uit om lontwol te verven. Daarvoor gebruikte ik een lont Europese Merino. Voor onze tweede ronde had mijn team het schilderij Deer in a Monastery Garden gekozen, van de schilder Franz Mac uit 1912.
Now we're allowed to use dyeing for Nerd Wars I am all about dyeing. I had almost forgotten how much fun it is. I decided to dye a roving for the first time. I used European Merino for that.
For the second round, my team decided we wanted the painting Deer in a Monastery Garden by Franz Mac, from 1912. 



Ik kende het niet, maar ik vind het een prachtig schilderij. Ik denk, weer, vanwege de verhouding groen en paars. Maar ook vanwege de lijnen. Maar vooral dat groene en paarse. Ik wilde dat terug hebben in mijn wolletje. Jammer genoeg ging dat niet helemaal goed. Mijn paars bleek meer roze. En de kleuren liepen enorm uit, waardoor alle groen een stuk groezeliger werd dan de bedoeling.
I didn't know the painting before, but I love it. I think, again, because of the greens and purples. But also because of the lines. But especially the colors, which I wanted to reflect in my wool. Unfortunately it didn't really go as planned. The purple turned out to be more pink, and the colors were bleeding all over the place (my kitchen was pink) so my green is a bit fowl. 


Inmiddels heb ik een soort haat-liefde verhouding met de wol. Ik ben hem aan het spinnen en soms denk ik dat het een prachtig wolletje wordt en soms denk ik dat ik hem maar moet weggeven of oververven want het wordt toch niks. We zullen zien. Wat vinden jullie er van?
I now have a love-hate relationship with this wool. I am spinning it, and sometimes I think this is going to be a lovely yarn, yet at other times I think I should give it away or dye it over, because it won't be anything. We'll see. What do you think?


woensdag 6 augustus 2014

Show 'n Tell: Tour the fleece, Spring Fling

Juli is de tijd van sportieve mannen met gigantische kuiten in korte, strakke broekjes. De Tour de France dus. Op Ravelry is er een eigen versie van de Tour, de Tour de Fleece. Ook trappen, maar dan op een spinnewiel. De uitdaging is heel simpel; elke dag dat de mannen trappen op hun fiets, trap jij op je wieltje (hoewel een dropspindle ook mag). Voor één wolletje hield ik dat voor. Elke dag een stukje. Soms een klein stukje, soms een wat groter stukje. 

Ik gebruikte wol die ik gekregen had, merino, in zakjes van 50 gram van één kleur. Omdat ik een Nerd Wars challenge had die ging over tijd en ik ook aan seizoenen mocht linken besloot ik een lentig wolletje te maken. 

Op dag 14 zijn allebei de klossen vol. 

Nog een reden om deze kleurencombinatie te kiezen was de blog van Meilindis waarbij zij via een swap een groen en een paars spinwolletje had gemixt. Het resultaat was een overwegend groen draadje. Kleurenleer dus. Dat intrigeerde mij. Ik ben gek op kleur en een echte kleurenneuroot. Ik wilde dus graag iets met groen en iets paarsigs (dus dus roze werd). Eén van de redenen waarom ik het ongetwijnde resultaat laat zien. Want inderdaad, getwijnd is het draadje overwegend groen. Ook door de combinatie van geel met blauw denk ik. Gelukkig maar, want zo is het een echt fris, lentig draadje geworden.


Ik vond het nog best moeilijk spinnen. Ik wilde weer eens een wat dikker draadje maken. Als je heel dun spint heb je een absolute ondergrens, want anders breekt je draad. Maar als je wat dikke wilt is niet alleen de bovengrens flexibel, maar ook de ondergrens. Niet zo mooi en even gesponnen als de laatste paar wolletjes dus. Bovendien weer merino met van die hele lange lokken. Dat is een stuk moeilijker en intenser spinnen. Maar ook leuker, want je moet er echt je hoofd bij houden. 


200 gram
205 meter
100% merino
worsted weight







dinsdag 5 augustus 2014

Over de bloemetjes en de bijtjes V

Het bijenseizoen begint zo onderhand aan zijn einde te komen. De zomer ook, je merkt het aan het korter worden van de dagen. De honingbijen zijn nu allemaal druk bezig met het maken van een wintervoorraad en winterbijen. Hommelkoninginnen zullen geboren worden en bezig gaan met het kweken van een vetlichaam. Gelukkig hebben we de foto's nog. Van juli dan. 

Een hommeltje aan een bloemetje waarvan ik de naam wederom ben vergeten. Ik heb deze drie jaar geleden
van de tuinbuurvrouwen gekregen. Eentje die zich kwistig uitzaait, die de bijen erg lekker vinden en de blaadjes
zouden ook gegeten kunnen worden, al heb ik dat laatste nog nooit geprobeerd. 


Ook deze Oost Indische kers kreeg ik van de tuinbuurvrouwen. Ik snap nu waarom, want ook deze zaait zich
gewillig uit. Maar omdat de bijen ze lekker vinden (maar vlinders kennelijk niet, wat rupsen weghoudt) vind ik
dat niet zo heel erg. De bloemen kunnen ook door mensen gegeten worden, ze zijn fris en een beetje kruidig. 

Een honingbij op de wilde marjolein. Weer zo'n eetbaar én snel vermenigvuldigend plantje. Ze staan inmiddels
aan weerskanten van het pad langs de heg. En bloeiend zijn het lange, slungelige planten die dan dus omvallen
en het pad blokkeren. Gelukkig gaat het pad nergens heen en heb ik nog geen klachten gehad. Ik vind het in elk
geval een heel erg gezellig stukje. 


Ze vliegt net weg, maar ook de citroenmelisse in bloei, die overigens naast de marjolein staat, is een feestmaal
voor de bijtjes. Wederom, ze blokkeren het pad, maar ik vind ze een feestje. Ook eetbaar, maar eigenlijk het
lekkerste om thee van te trekken.



Een hommel in de bloeiende stokroos. Jaaa ze bloeien weer (of eigenlijk, zijn al bijna uitgebloeid). Eén van mijn
meest favoriete bloemen; uitbundig, groot en kleurrijk. En natuurlijk een goede bijenplant.
De bijen moeten vrij ver de bloem in om bij de nectar te komen. Ze worden dan helemaal onder de stuifmeel
gestort. Prachtig om te zien. 

Deze hommel rust even uit op de knoppen van de stokroos, om zichzelf te wassen en te ontdoen van een flinke
lading stuifmeel op ongewenste plaatsen. Plaatje. 

Ik moet tot mijn schaamte bekennen dat ik geen idee meer heb waar of wanneer ik deze foto heb genomen.
Ik vermoed, bij de tuinbuurvrouwen in de tuin. Wat voor een bloem het is, weet ik dus ook niet meer. Gewoon
een goudsbloem misschien? Ik elk geval een prachtig bijtje. 

Bij de schoonouders in te tuin: bloeiende kardoen. Kardoen is familie van de artisjok, dus ook je artisjok laten
schieten is leuk voor de bijtjes. Het worden enorm hoge (min. 2 meter) hoge stokken met enorme paarse bollen erop.
Tussen al die paarse sprieten zit het vol met (mijn eigen honing-)bijen.  


Ik las laatst ergens dat komkommers niet bestoven hoeven te worden. Kennelijk denkt dit bijtje er anders over.
Overigens is dit niet de enige dag dat ik bijen bezig heb gezien bij de bloemen van de komkommers. Nom. Bijen
lustten trouwens ook graag stuifmeel en nectar van courgettes, pompoenen en meloenen, die allemaal familie van
elkaar zijn. Ik heb alleen niet zo heel veel van die planten staan, en vooral de grotere varianten zijn moeilijk om
in de bloem een foto te maken. 

Dit bijtje zat wederom in de tuin van mijn schoonouders, in hun 'vlindertuin' waar het vol staat met mooie,
paarsbloeiende planten. Ik heb geen idee wat het is. Een soort kruid vermoed ik. 

Een slechte foto, maar weer kleine bloemetjes dus weinig voedsel per bloemetje en dus ook
een bij die heel snel van het ene naar het andere bloemetje gaat. Dit is de bloeiende
bergsteen tijm. Eén van mijn favorieten die ik bij toeval ontdekte toen we ooit eens heel veel
plantjes kochten voor op ons balkon. Kleine, lieve bloemetjes en een heerlijk geurend plantje
(maar NIET eetbaar). Ook de bijen vinden hem erg leuk.

donderdag 31 juli 2014

Appeltaart no 7.

Oeps, ik loop een beetje achter met die appeltaarten. Druk geweest,  geen zin gehad, en een nieuw boek vol met heerlijke cupcakes die geen appeltaart zijn.

Maar, met zoveel honing bedacht ik me dat het leuk (en lekker) zou zijn om een appeltaart te maken met honing. Op internet kwam ik dit recept tegen, wat mij het proberen waard leek.


Het leek even mis te gaan. Zoals altijd als ik iets in de oven moet laten karameliseren gebeurde er nada. Nog maar wat poedersuiker erop en de oven dus wat hoger...iets te hoog dus, of gewoon te lang, want de appeltjes begonnen al zwart te worden. Gelukkig is het maar suiker, dat ziet er altijd erger uit dan het is. 


Zoals je ziet was de taart al half op voordat ik me bedacht er een foto van te maken. Een goed teken! Het was dan ook een erg lekkere taart. De volkoren bodem vormt een harmonieus geheel met de honing en de kaneel. De frisse appels brengen die donkere smaken weer in balans. De taart is best dun, waardoor die erg licht is. En eigenlijk zit er ook niet zo heel veel meer in dan appels. Nom. 

woensdag 30 juli 2014

Show 'n Tell: Six little yellow duckies

Op internet zijn er zoveel geweldig leuke en goede initiatieven te vinden. Ik doneerde eerder al knuffels aan het Poekie project, maar ik zie ook overal Early-birdjes en octopusjes voorbij komen (die óók nog op mijn to-do lijstje staan), knuffels en dekens voor zonneknuffels/zonnedekens, noem maar op. Nu kwam ik vorige maand opeens het little yellow duck project tegen. Een geweldig leuk initiatief. Het idee is dat als RAKje een klein, zelfgemaakt eendje wordt achtergelaten. Een random act of kindness dus, voor wie het dan ook mag vinden. En de bedoeling is dan om de vinder te inspireren om ook iets aardigs te doen voor iemand die hij of zij niet kent, door het afgeven van bloed en/of plasma, of misschien zelfs een orgaan of stamcellen.


Ik wordt zelf erg flauw als ik bloed afgeef, dus doneren is voor mij eigenlijk geen optie. Ik was dus erg blij om te horen dat ik om deze manier toch een bijdrage zou kunnen leveren. Ik haakte 6 kleine eendjes, naar het patroon van Lisa van Klaveren (het patroon is op de website van de stichting te vinden, er zijn ook patronen om eendjes te breien of te naaien). 



De eendjes werden allemaal voorzien van een (mega groot) label en ik dropte er drie hier in het buurtwinkelcentrum en drie op het station. Wat best spannend was, zeker het foto's maken, want wat ben je dan eigenlijk aan het doen? En ze wilden ook nog niet eens blijven staan met dat enorme label om hun nekjes. 



Een paar dagen later zag ik op de website dat er in elk geval één gevonden was, die bij de flessen wijn in de Plus.


woensdag 23 juli 2014

Show 'n Tell: Hooptiedoop

In april vierde ik samen met Lief, op zijn verjaardag ook mijn verjaardag. Met zijn familie althans. Op mijn verjaardag zijn we samen jarig bij mijn familie. En als je jarig bent krijg je ook cadeautjes. Leuke cadeautjes. Van mijn schoonzusje + man kreeg ik een set handkaarders, waarmee je dus een schapenvacht kunt bewerken om daarna te spinnen. Niet lang erna kocht ik dus een schapenvacht, waste die, plukte die zodat alle strootjes en takjes eruit vielen, kaarde die en uiteindelijk kon ik daarvan spinnen. Nou ja, de eerste 50 gram dan, de rest ligt nog te wachten.


Het bewerken dan de ruwe wol vond ik erg leuk om te doen. Zowel ik als het huis roken helemaal naar schaap. Overal lagen plukken wol te drogen, de beestjes vonden het erg interessant. Het plukken erna kostte wel meer tijd van verwacht. En het kaarden is nog een beetje wennen, maar het gaat steeds beter. Dat je er daarna je eigen draadje van kunt spinnen is natuurlijk helemaal cool.


Ik had gekozen voor de wol van een Schropshire en haalde de die bij de kinderboerderij, waarvan de beheerder ook natuurlijk begrazen Maastricht heeft (en dus heel veel schapen). Op zich een heel mooi wit schaap, maar af en toe wat bruin erdoor, wat best een mooi draadje oplevert. Redelijk kleine haartjes volgens mij, dus goed opletten tijdens het spinnen, wat het weer leuk maakte, en waardoor het toch wat makkelijker was om een mooi, egaal draadje te krijgen. Het prikt wel, dus wat het gaat worden weet ik nog niet. En erg is nog genoeg wol over om nog meer van dit moois te maken. 



50 gram
86 meter
fingering weight, 14 wpi


dinsdag 22 juli 2014

To bee or not to bee?


...that's the question. De vraag die helemaal aan het begin van mijn solitaire bijencursus werd gesteld door de leerkracht. Ook ik had ze niet allemaal goed. Er zijn zoveel soorten bijen, wespen en dan ook nog die vliegen die doen alsof, het is niet altijd even duidelijk wanneer iets nou een bij is en wanneer niet.

Erg?

Nee, natuurlijk niet. Je kunt ook best van een vlieg genieten.

Maar voor degenen die het graag weten wat ze voor zich hebben, enkele tips.

Vliegen en bijen

Eerst maar eens het verschil tussen vliegen en bijen.
Bijen zijn noeste werkers, ze doen niets anders. Bijen zijn dan ook bij hun nest, of op een bloem, of op weg van het ene naar het andere. Ook vliegen en wespen kunnen zich overigens op bloemen schuilhouden, maar je ziet toch vaak aan de manier waarop ze daarmee bezig zijn of het een bij is of een vlieg. Bijen zullen elkaar zelden lastig vallen als ze bezig zijn met honing verzamelen, er is genoeg voor iedereen (er is een enkele soort die territoriaal is), vliegen willen nog wel eens een aanval doen naar elkaar.

Een blindebij, een vliegensoort. Zie de stand van de vleugels, de
grote ogen en het gladde, stompe lichaam. 

Een pyama-zweefvlieg

Bijen en vliegen vliegen ook anders. Een bij is zekerder van haar zaak en vliegt langzamer. Een vlieg is sneller en maakt vaak schijnbewegingen, zweefvliegen -die ook vaak een bijen/wespen patroon hebben- kunnen stil hangen in de lucht, bijen kunnen dit niet.
Daarnaast klinken vliegen ook anders, hoger, opgefokr, terwijl het gezoem van een bij vaak lager is, en rustgevend.

Dit laatste kan aan de vleugels liggen. Bijen hebben twee paar vleugels die in rust over elkaar heen vallen. Een vlieg heeft slechts een enkel paar vleugels, die een beetje uit elkaar staan in rust, in een soort V-vorm.

& onder; de gewone wolzwever, een vlieg die doet denken aan een
hommel of een bij. Zie die sprietenpootjes en het plompe lichaam. Nog
beter zie je het verschil als ze bezig is met nectar verzamelen, dat doet
ze namelijk op de 'kolibrie-manier', ervoor blijven zweven.
Ik zag ze in het voorjaar veel, zo rond maart-april en vind het leuke beestjes.


Nog meer over het uiterlijk: bijen hebben altijd een wespentaille, hun lichaam bestaat uit een kop, een borststuk en een achterlijf, vliegen niet. Zweefvliegen zijn dun, maar zonder taille en andere soorten vliegen zijn vaak gewoon plomp en rond.
Bijen hebben kleinere ogen dan vliegen, bij wie de ogen elkaar bovendien vaak raken aan de bovenkant van de kop. Bijen-ogen zitten ook lager gepositioneerd dan de ogen van een vlieg.
En vliegen hebben daarentegen vaak maar korte voelsprieten op hun kop zitten, die van bijen zijn langer en vaak geknikt.
Ook de pootjes zijn telling een bij heeft dikkere poten dan een vlieg, een vlieg zal ook nooit stuifmeel aan zijn/haar poten hebben, daarnaast staan de vliegenpoten vaak verder uit elkaar.
En nog een laatste uiterlijk verschil is dat bijen vaak behaard zijn, in elk geval het borststuk, terwijl vliegen (meestal) kaal en glimmend zijn.

Ik heb geen idee van een naam voor deze vlieg, ik weet alleen
dat ik eerst dacht dat het een hommel was, maar zie weer die ogen
het lijf en de vleugels, een vlieg dus. 

Een langlijfje, een zweefvlieg soort. Wederom de vleugels,
de ogen en het lange, kale lichaam. 


Bijen en wespen

Dat verschil is vaak een stuk minder duidelijk. Ja, het verschil tussen een honingbij en een papierwesp is vaak goed te zien, zeker als je ze naast elkaar zet.


Maar er zijn meer dan één soort wesp. Net zoals er meer dan één soort bij is. 

Het is overigens wel verstandig om die papierwespen te kunnen onderscheiden, want dat zijn inderdaad eie MaF-wespen die je steken. Deze wespen leven namelijk in een nest met een kolonie werksters, dat gemaakt wordt uit gekauwde houtdelen en eruit ziet als een papieren nest - vandaar de naam dus. 

De algemene verschillen:
Wespen zijn vaak groter dan bijen. En dan vooral de wespen waar je voor op moet passen.
Wespen zijn glad en onbehaard, bijen zijn wollig.
Die wespentaille van een bij is voor watjes, als je die vergelijkt met die van een wesp. Bij een wesp lijkt het soms alsof het borststuk en het achterlijk met een zijden draadje aan elkaar zitten.
Bijen zijn vegetariërs, wespen eten juist kleine beestjes. Ze vinden zoetigheid ook lekker hoor, maar zullen daar zelf minder moeite voor doen (afgezien dan van een klein aantal honingwespen, maar die komen niet in deze regionen voor).

Maar ja, nu dus die verschillende soorten.
Want wat vliegen kunnen (nl op bijen of op wespen lijken) dat kunnen bijen ook. Er bestaat namelijk ook een groep bijen die we wespbijen noemen, omdat ze zo veel op wespen lijken. En er zijn wespen die veel kleiner zijn dan die vervelende limonadewespen. En die dus ook helemaal niet zo veel op hen lijken.

Een zwartsprietwespbij (foto van wildebijen.nl)

Ik dacht een bij, maar het bleek een wesp.

En vergeet ook de veldwespen niet. Deze wespen zijn een stuk dunner dan de papierwespen en zijn feller gekleurd, dwz hebben vaak gele of oranje voelsprieten. Veldwespen leven ook sociaal maar geven totaal geen overlast, ze steken dus niet. Hun nesten zijn open, waardoor je mooi kunt zien wat er allemaal gebeurt. In mijn moestuin kom ik ze dit jaar opeens vaak tegen, ze vliegen af en aan in mijn vijvertje om te komen drinken. Gezellig.

Franse veldwesp aan het drinken.